
Katten kunnen door zeer uiteenlopende oorzaken last krijgen van darmklachten. Dit kan zich uiten in diarree of obstipatie, eventueel gecombineerd met winderigheid (=flatulentie ) en/of braken.
Diarree
Bij diarree diarree is er sprake van veelvuldige brijachtige tot waterdunne ontlasting. Sleutelwoorden hierbij zijn: veel, vaak, vochtig en vormloos. Het evenwicht tussen de opname en uitscheiding van water is verstoord, waardoor er veel vocht verloren gaat. Het is belangrijk dat dit grote verlies van water wordt aangevuld, omdat anders het dier zal uitdrogen.
Hoewel er vele oorzaken zijn voor diarree bij de kat, komen we de meeste hiervan nooit te weten. Dat is, omdat de diarree vaak binnen enkele dagen vanzelf over gaat.
Diarree kan het gevolg zijn van zeer diverse aandoeningen, zoals parasieten, virale infectie, overmatige bacteriegroei, ontsteking van de dikke darm, overgevoeligheid voor bepaalde voedingbestanddelen, infectie van de darmwand, plotselinge verandering van voeding, stress, te veel eten, te koud eten, bedorven of te sterk gekruide voeding, eten van laxerende voedingsmiddelen, bepaald medicijngebruik. Het evenwicht in de darm, de darmbacterieflora, raakt soms verstoord. De dierenarts zal proberen om dit evenwicht doormiddel van een dieet of en met medicijnen weer te herstellen. Wanneer er bloed in de ontlasting of rond de anus zit kan dat wijzen op een voedselallergie en of ontsteking van de darm. Een hypoallergeen dieet voorgeschreven door de dierenarts kan helpen, maar soms zullen ook medicijnen nodig zijn op de darmontsteking tegen te gaan.
Een tekort aan spijsverteringsenzymen in de darm kan ook leiden tot diarree. Spijsverteringsenzymen zijn stoffen die o.a. in de lever en pancreas worden gemaakt om eiwitten, vetten en koolhydraten zo te splitsen, dat ze door de darmwand opgenomen kunnen worden in het bloed. Als deze enzymen niet voldoende gemaakt worden (door lever- of pancreasinsufficiëntie), kunnen de eiwitten, vetten en koolhydraten niet of onvoldoende worden verteerd en opgenomen worden in het bloed. Deze blijven dan in de darm achter en worden in de dikke darm door de daar aanwezige bacteriën omgezet en kunnen diarree veroorzaken.
Zaken die u zelf kunt regelen om diaree te voorkomen of te verhelpen, zijn de volgende:zorg dat uw kat goed ingeënt en ontwormd is.
geef uw kat een compleet kattenvoer te eten.
als een kat diarree heeft, zal een licht verteerbaar dieet van een beetje kip en rijst de darmen wat rust geven. Dit is echter niet meteen op de eerste dag al nodig. Blijf ze wel gewoon voeren als ze nog trek hebben, maar alleen een beetje minder.
bij katten met diarree, afhankelijk van de hevigheid, is een dagje vasten aan te raden. De volgende dag kunt u de halve hoeveelheid geven en daarna weer de normale portie. Als u besluit van voer te veranderen, schakel dan geleidelijk over.
Gaat het de diarree dan niet over, moet er aan andere oorzaken worden gedacht.
Ga met uw kat langs de dierenarts wanneer:de diarree langer dan een dag of vijf aanhoudt
de kat maakt een zieke of slome indruk maakt
wanneer de kat niet meer wilt drinken
als er slijm, bloed of zwarte ontlasting zichtbaar is
Obstipatie (constipatie)bij katten
Normaal gesproken heeft een kat minstens één keer per dag ontlasting.
Wanneer dat minder is kan er sprake zijn van obstipatie. Bij obstipatie is er sprake van weinig of helemaal geen ontlasting. De kat zal vaak pogingen doen om te zich te ontlasten. Die pogingen zijn meestal tevergeefs. Soms komt er een klein beetje ontlasting na lang persen. De ontlasting is hard of droog en de kat moet daarbij sterk persen. De kat wordt sloom, heeft weinig of geen eetlust en braakt af en toe. Het dier is vaak uitgedroogd en de vacht kan dof zijn. Als het dier pijn heeft in het darmkanaal, zit hij vaak met een gekromde rug.
Oorzaken van obstipatie, verstopping, kunnen onder andere zijn; aandoeningen die de doorgang van de ontlasting belemmeren, onderdrukking van de aandrang tot ontlasten door bijvoorbeeld een vuile of niet toegankelijke kattenbak, stress, te weinig lichaamsbeweging, belemmering van de darmen door bijvoorbeeld botten, haar, vreemde voorwerpen of een tumor, afwijkingen van de spieren of zenuwen van het darmkanaal, fracturen of verwondingen die het ontlasten pijnlijk maken (bijvoorbeeld een bekkenfractuur, bijtwonden, abces) of het gebruik van bepaalde medicijnen. Ook voeding kan een veroorzaker zijn. Als de ontlasting langer in de darmen aanwezig blijft, kan er meer zout en water aan de darminhoud onttrokken worden, waardoor de ontlasting droger en harder wordt.
Obstipatie door voeding komt ook vaak voor bij kittens die met de fles voeding krijgen. De dierenarts kan een milde laxeermiddel voorschrijven. Na het voeden moet over het buikje van de kitten gewreven worden en ook de anus. Daardoor worden de darmen en anus gestimuleerd.
Ook oudere katten kunnen een laxeermiddel gebruiken om het probleem op korte termijn te verhelpen. Blijft het probleem terugkeren moet de voeding veranderd worden. Een vezelrijk commercieel dieet kan, maar ook zelf vezelbronnen aan de voeding toevoegen kan (zoals Isogel of zemelen). Het beste voer bij verstopping is blikvoer. Hier kunt u wat vezels door mengen; begin met kleine beetjes, omdat teveel vezels ook weer tot verstopping kan leiden.
Bij obstipatie dient u allereerst te overleggen met uw dierenarts welke maatregelen het beste genomen kunnen worden.